Jaarbeurs beperkt verlies in tweede coronajaar

Koninklijke Jaarbeurs heeft het verlies in coronajaar 2021 weten te beperken tot 5,6 miljoen euro. In 2020 leed Jaarbeurs nog een verlies van 12,4 miljoen euro, tegenover een nettowinst van ruim 12 miljoen euro in 2019.

Dit blijkt uit het jaarverslag van de beursorganisatie. Dankzij de sterke uitgangspositie eind 2019, kostenbesparingen en de NOW-regeling is de financiële positie van Jaarbeurs nog steeds solide, laat de organisatie weten. Daardoor heeft het bedrijf 2021 kunnen benutten om verduurzaming en digitale dienstverlening aan exposanten en bezoekers verder te versterken.

Ook in 2022 heeft de coronapandemie nog impact op de activiteiten van Jaarbeurs, net als geopolitieke ontwikkelingen en stijgende energieprijzen. Desalniettemin behoudt Jaarbeurs vertrouwen in de toekomst.

Herstel zet goed door

“We zien na het opheffen van de meeste corona-maatregelen in maart dat de behoefte van mensen om elkaar weer live te zien groot is”, zegt interim-topvrouw Franka Morssink. “We zijn nog niet op het niveau van voor de coronapandemie, maar zien dat het herstel van de nationale markt zich goed doorzet, een markt waar Jaarbeurs van oudsher sterk in is. Ook in onze internationale activiteiten in China en Zuidoost-Azië zagen we de afgelopen periode een grote impact als gevolg van lokale lockdowns, maar ook daar herstelt de markt zich snel zodra corona-maatregelen worden opgeheven.”

Jaarbeurs investeerde in 2021 onder meer in de oprichting van de Dutch Health Hub, het online platform voor professionals in de gezondheidszorg en life sciences. Ook werd de Jaarbeurs Studio geopend voor online en hybride evenementen. Bij een aantal eigen beurstitels werd ervaring opgebouwd met het opzetten van communities en het organiseren van (aanvullende) online activiteiten.

De investeringen in de plannen voor De Nieuwe Jaarbeurs zijn in 2021 gezien alle onzekerheden “op een bescheiden niveau voortgezet”, aldus de organisatie, “zonder de ambitie om de Jaarbeurs in Utrecht verder te transformeren in een duurzame en ‘slimme’ evenementenlocatie los te laten.”